NB Voordat je met SmartParts, ook Bouwblokken genoemd, aan de slag kunt, moet je je Smart Parts-paneel zichtbaar maken. Hoe je dit doet, lees je in Inleiding tekstblokken


SmartParts worden in SmartPart Libraries opgeslagen. 

Bovenin het SmartParts-paneel zie je mappen die de tekstblokken kunnen bevatten. Elke map staat voor een afzonderlijke library. 


Selecteer een Librarie door op de naam te dubbelklikken. Nu ben je in de Library en zie je de al aanwezige Bouwblokken staan.

klik vervolgens op de knop "Nieuw" (de "+" rechtsonder) om een nieuwe Smart Part aan te maken.

Vul, in het invulscherm dat nu verschijnt, de naam in voor de Smart Part en druk op Opslaan.



Er wordt een Smart Part aangemaakt. 


Om het Bouwblok te bewerken klik je op het potlood aan de rechterkant van de naam. Het wijzigen van de naam van het Bouwblok kan door op het icoon rechts naast het potlood te klikken. Er opent dan een document met de inhoud van het Bouwblok.

Beiden kunnen ook uitgevoerd worden door de knop met de 4 strepen rechts onderin te gebruiken. De actie wordt dan uitgevoerd op het grijs geselecteerde Bouwblok.


Als je het Bouwblok bewerkt kun je nu de gewenste tekst intypen en eventueel variabelen toevoegen. Meer informatie over het toevoegen van variabelen lees je in het artikel Variabelen aanmaken.




Als je klaar bent met de Smart Part, klik je op de knop Opslaan op het Smart Parts-paneel (zie afbeelding boven). Let op: Gebruik niet de gebruikelijke Word-optie om de Smart Part op te slaan. Dan wordt het tekstblok namelijk als Word document opgeslagen en niet als Smart Part.





Meer over het gebruik van variabelen binnen een SmartPart lees je hier.